|
vrijdag 12 december 2008 16:45 |
|
Een typische zanglijstereigenschap is het stukslaan van slakkenhuizen op een vaste 'smidse', om zo bij het malse slakkenvlees te komen. Behalve slakken eten zanglijsters ook grote hoeveelheden insecten, wormen, duizendpoten en pissebedden, in najaar en winter ook bessen en fruit.
Zanglijsters zijn algemene broedvogels van tuinen, parken en bossen. Hun gevarieerde zang - de naam doet zoiets al vermoeden - is een verdragend, melodieus en klankvol geluid, vrijwel altijd voorzien van 'VIEzeRIEK' strofen. Zanglijsters beginnen vroeg en eindigen laat met hun gezang, soms tot ergernis van langslapers en vroeg-naar-bed types. Hoewel er in het najaar heel veel zanglijsters doortrekken, valt dat niet zo op omdat ze vooral ’s nachts trekken en een onopvallende roep hebben. GeluidLuid en duidelijk is de zang van de zanglijster. Luider dan de Merel. De Zanglijster kent een scala van fluiten en melodieën. Maar praktisch altijd zit in de zang een drie maal herhaalde kreet. GrootteIets kleiner dan een merel. BiotoopParken en bossen. Ook in de dorpen en steden. Niet in naaldbos. TerritoriumIn de dorpen heeft een zanglijster genoeg aan zo'n 2 hectare. In de bossen hebben ze wat meer ruimte nodig: zo'n 3 tot 5 hectare. Trekken of blijvenDe vogels in de dorpen blijven soms. De anderen trekken weg rond september/oktober en gaan dan naar Zuid-Europa en Noord-Africa. In maart zijn de trekkers weer terug. Soms zelfs al in februari. Bedreigd of niet?Niet door verdwijnen van leefgebieden. Wel door het strooien van slakkendood! Aantal broedplaatsen140.000
|